ECLI:NL:RVS:2016:360
Raad van State
- Hoger beroep
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit niet-ontvankelijkheid Wob-verzoek wegens misbruik van recht
De korpschef van politie besloot op een Wob-verzoek van appellant om documenten te verstrekken met betrekking tot een verkeersovertreding. Na bezwaar verklaarde de korpschef het bezwaar niet-ontvankelijk wegens vermeend misbruik van recht door de gemachtigde van appellant. De rechtbank oordeelde echter dat het bezwaar gegrond was en vernietigde het besluit. De korpschef stelde hoger beroep in en herhaalde het niet-ontvankelijkheidsbesluit, waarna beroep van rechtswege ontstond.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het hoger beroep behandeld en geoordeeld dat de korpschef onvoldoende feiten heeft aangevoerd om misbruik van recht aan te nemen. De gemachtigde had gemotiveerd toegelicht dat het Wob-verzoek noodzakelijk was vanwege het uitblijven van reactie van de officier van justitie. De korpschef verscheen niet ter zitting, waardoor deze toelichting als onweersproken werd aangenomen.
De Afdeling verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit van 13 juli 2015 en beval de korpschef een nieuw besluit te nemen. Tevens werd bepaald dat tegen het nieuwe besluit alleen beroep bij de Afdeling mogelijk is. De korpschef werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellant ad € 496,00.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van de korpschef wordt vernietigd wegens onvoldoende onderbouwd misbruik van recht.