ECLI:NL:RVS:2016:3466
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J. Hoekstra
- R.J.J.M. Pans
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Bedrijventerreinen A20 Westland wegens strijdigheid rechtszekerheidsbeginsel
Het college van burgemeester en wethouders van Maassluis heeft beroep ingesteld tegen het bestemmingsplan "Bedrijventerreinen A20 Westland 1e herziening" vastgesteld door de raad van de gemeente Westland op 13 oktober 2015. Het plan wijzigt de maximale milieucategorieën voor twee percelen nabij de gemeentegrens met Maassluis, waarbij milieucategorieën 4.1 en 4.2 zijn toegekend. Het college betoogt dat deze toekenning woningbouw in het aangrenzende gebied Dijkpolder belemmert en dat het plan onzorgvuldig tot stand is gekomen, onder meer door het ontbreken van vooroverleg en hoorzitting.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelt vast dat het vereiste vooroverleg niet heeft plaatsgevonden, maar passeert dit gebrek omdat het college niet is benadeeld. De Afdeling oordeelt dat er geen hoorplicht bestond en dat het plan uitvoerbaar is, aangezien de feitelijke toegestane bedrijvigheid niet hoger is dan milieucategorie 3.2. Wel is de planregel in artikel 3, lid 3.6.1, onduidelijk en strijdig met het rechtszekerheidsbeginsel omdat niet duidelijk is welke bedrijvigheid via afwijkingsbevoegdheid is toegestaan.
De Afdeling bevestigt dat de Verordening Ruimte voorschrijft dat de hoogst mogelijke milieucategorie passend bij de omgeving moet worden toegelaten, en dat rekening houden met toekomstige woningbouwplannen die niet in een onherroepelijk bestemmingsplan of Programma ruimte zijn opgenomen niet vereist is. Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd voor zover het artikel 3, lid 3.6.1 betreft. De raad wordt opgedragen dit onderdeel te verwerken in het elektronisch vastgestelde plan.
Uitkomst: Het bestemmingsplan wordt vernietigd voor zover het artikel 3, lid 3.6.1 van de planregels betreft wegens strijd met het rechtszekerheidsbeginsel.