ECLI:NL:RVS:2016:3017
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging huisverbod wegens ernstig en onmiddellijk gevaar voor veiligheid echtgenote en kind
De burgemeester legde appellant een tijdelijk huisverbod op omdat diens aanwezigheid in de woning een ernstig en onmiddellijk gevaar vormde voor zijn echtgenote en kind. Dit huisverbod werd gebaseerd op een Risicotaxatie-instrument Huiselijk Geweld, een proces-verbaal van bevindingen van een Hulpofficier van Justitie, diverse politiemutaties en aangiften van de echtgenote.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen het huisverbod en de verlenging daarvan ongegrond. Appellant stelde dat er geen onmiddellijk gevaar was en dat het huisverbod disproportioneel was, mede omdat hij geen hulp kreeg bij het zoeken naar huisvesting.
De Raad van State oordeelde dat de burgemeester terecht aannam dat er een ernstig en onmiddellijk gevaar of een ernstig vermoeden daarvan bestond. De verklaringen van de echtgenote waren voldoende geverifieerd en het huisverbod was proportioneel gezien de belangenafweging. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het huisverbod bevestigd.