ECLI:NL:RVS:2016:260
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen omgevingsvergunning bouw woningen Hoek van Holland
Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam verleende op 17 januari 2014 een omgevingsvergunning voor de bouw van zes eengezinswoningen aan de 1e Scheepvaartstraat 26 te Hoek van Holland. Verzoekers, bewoners uit Hoek van Holland, maakten bezwaar tegen deze vergunning, dat door het college op 10 september 2014 ongegrond werd verklaard. Vervolgens verklaarde de rechtbank Rotterdam op 8 september 2015 het beroep van verzoekers tegen het besluit ongegrond.
Verzoekers stelden hoger beroep in en verzochten de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State om een voorlopige voorziening te treffen, waarmee de besluiten van 17 januari 2014 en 10 september 2014 geschorst zouden worden. Tijdens de zitting op 21 januari 2016 verschenen verzoekers, het college en de vergunninghouder.
Verzoekers voerden aan dat het bouwplan onvoldoende parkeergelegenheid voorziet en dat de adviezen van de commissie voor welstand en monumenten Rotterdam gebreken vertonen, waardoor het college deze niet had mogen volgen. De voorzieningenrechter oordeelde echter dat deze argumenten onvoldoende waren om aan te nemen dat de vergunning onrechtmatig is en dat de uitspraak van de rechtbank niet in stand zal blijven. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd op 25 januari 2016 in het openbaar uitgesproken door voorzieningenrechter H. Troostwijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de omgevingsvergunning voor de bouw van zes woningen is afgewezen.