ECLI:NL:RVS:2016:2586
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.B.M. Hent
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep verblijfsvergunning asiel
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris op 1 april 2016 niet in behandeling werd genomen. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank, die dit beroep niet-ontvankelijk verklaarde omdat de gronden van het beroep ontbraken.
De vreemdeling stelde hoger beroep in tegen deze niet-ontvankelijkverklaring. Hij voerde aan dat hij binnen de gestelde termijn de gronden van het beroep per fax had verzonden, wat werd ondersteund door een verzendrapport. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het verzendrapport voldoende aanleiding gaf om aan te nemen dat de gronden tijdig waren toegekomen.
Hierdoor werd het hoger beroep gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor inhoudelijke behandeling. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten die de vreemdeling had gemaakt voor rechtsbijstand in hoger beroep.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard, de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep vernietigd en de zaak terugverwezen naar de rechtbank.