ECLI:NL:RVS:2016:2439
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- A.B.M. Hent
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en bevestiging afwijzing verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie wees op 1 juni 2015 de aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 15 maart 2016 het besluit vernietigde en de staatssecretaris opdroeg een nieuw besluit te nemen.
De staatssecretaris ging in hoger beroep tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat de staatssecretaris de geloofwaardigheid van de vreemdeling ondeugdelijk had gemotiveerd. De Afdeling stelde dat de staatssecretaris terecht had overwogen dat de vreemdeling onvoldoende aannemelijk had gemaakt hoe de vete tussen de commandant en haar schoonfamilie was ontstaan en dat haar verklaringen ongeloofwaardig waren.
Ook werd geoordeeld dat de rechtbank ten onrechte had aangenomen dat de staatssecretaris de geloofwaardigheid van de door de vreemdeling gestelde problemen niet op zichzelf had beoordeeld. De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond, waarmee de afwijzing van de verblijfsvergunning in stand bleef.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.