ECLI:NL:RVS:2016:2039
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing naturalisatieverzoek wegens openstaande strafzaak
Appellant verzocht om naturalisatie, maar de staatssecretaris wees dit verzoek af op grond van een openstaande strafzaak wegens overtreding van artikel 300 en Pro 285 Sr. Appellant stelde dat het vonnis van de politierechter, waarin hij een geldboete van €800 kreeg opgelegd, had moeten worden afgewacht en dat de boete niet tot afwijzing mocht leiden na wijziging van de Handleiding.
De rechtbank oordeelde dat het besluit gebaseerd mocht zijn op de openstaande strafzaak en niet op het vonnis, omdat ten tijde van het besluit het vonnis nog niet bekend was. De minister hoefde het vonnis niet af te wachten. De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde dit oordeel en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De zaak benadrukt de toepassing van de Rijkswet op het Nederlanderschap en de Handleiding voor naturalisatie, waarbij openstaande strafzaken een reden kunnen zijn voor afwijzing van het verzoek.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het naturalisatieverzoek bevestigd.