ECLI:NL:RVS:2016:1941
Raad van State
- Hoger beroep
- S.F.M. Wortmann
- W. Sorgdrager
- H.C.P. Venema
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen vernietiging omgevingsvergunning biomassacentrale Zutphen
Het college van burgemeester en wethouders van Zutphen verleende op 31 oktober 2014 een omgevingsvergunning voor de bouw van een biomassacentrale op een perceel aan de Letlandsestraat te Zutphen. Appellant maakte bezwaar tegen deze vergunning, dat door het college ongegrond werd verklaard. De rechtbank Gelderland vernietigde vervolgens het besluit op bezwaar en herroept de vergunning, oordeelde dat het college niet bevoegd was ontheffing te verlenen en wees de vergunningaanvraag af.
Het college stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde het hoger beroep en oordeelde dat appellant geen belanghebbende is bij het besluit tot vergunningverlening, omdat de vermeende hinder (zicht en geur) onvoldoende objectief en actueel belang oplevert. De rechtbank had dit niet juist beoordeeld en had het bezwaar van appellant niet-ontvankelijk moeten verklaren.
De Afdeling vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank voor zover deze het besluit van 31 oktober 2014 herroept en de vergunningaanvraag afwijst. Het bezwaar van appellant wordt alsnog niet-ontvankelijk verklaard, waardoor de omgevingsvergunning van kracht blijft. Daarnaast werd het beroep op ontheffing bevoegdheid niet inhoudelijk behandeld en werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de vernietiging van de omgevingsvergunning wordt teruggedraaid en het bezwaar van appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard.