ECLI:NL:RVS:2015:987
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Th.G. Drupsteen
- E. Helder
- R.J.J.M. Pans
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan voor agrarische bouwvlakken wegens onduidelijke regeling bedrijfswoning
De raad van de gemeente Leeuwarderadeel stelde op 4 juli 2013 het bestemmingsplan "Bûtengebiet en doarpen" gewijzigd vast. Appellant sub 1 en de vereniging LTO stelden beroep in tegen dit besluit. De Afdeling bestuursrechtspraak toetste het plan terughoudend aan het oogpunt van goede ruimtelijke ordening en de geldende wettelijke kaders.
Appellant sub 1 werd deels niet-ontvankelijk verklaard omdat hij onvoldoende persoonlijk belang had bij onderdelen van het plan die niet op zijn perceel betrekking hadden. Zijn beroep tegen het deel van het plan dat het perceel van zijn agrarisch bedrijf betreft, werd inhoudelijk ongegrond verklaard. De Afdeling oordeelde dat het plan een ruimtelijke vertaling is van een onherroepelijk projectbesluit en dat de planregels omtrent mestvergisters en grondgebondenheid van agrarische bedrijven redelijk zijn.
De vereniging LTO richtte zich tegen de maximale bij recht toegestane oppervlakte van agrarische bedrijfsgebouwen van 500 m² en de onduidelijke voetnoot in het bouwschema. De Afdeling stelde vast dat de zinsnede "van een bedrijfswoning" in voetnoot 3 onduidelijkheid en rechtszekerheidsproblemen veroorzaakt en vernietigde dit onderdeel van het besluit. Verder oordeelde de Afdeling dat de eisen voor landschappelijke inpassing en grondgebondenheid in het plan redelijk zijn en dat de raad terecht een omgevingsvergunning en erfinrichtingsplan eist bij grotere bouwplannen.
Uitkomst: Het bestemmingsplan is vernietigd voor het onduidelijke onderdeel over de maximale oppervlakte van bedrijfsgebouwen; het beroep van appellant sub 1 is deels niet-ontvankelijk en deels ongegrond.