ECLI:NL:RVS:2015:676
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening inzake handhaving jachtontheffing Flora- en faunawet in Overijssel
De Nederlandse Vereniging tot Bescherming van Vogels verzocht het college van gedeputeerde staten van Overijssel om handhavend op te treden tegen het gebruik van een ontheffing op grond van de Flora- en faunawet, verleend op 3 oktober 2014, wegens mogelijke overtreding van artikel 19d van de Natuurbeschermingswet 1998. Het college wees dit verzoek bij besluit van 23 december 2014 af, waarna de Vogelbescherming bezwaar maakte en een voorlopige voorziening vroeg bij de Raad van State.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de voortoets en het juridisch advies niet ondubbelzinnig uitsluiten dat significante gevolgen kunnen optreden door het afschot van ganzen in Natura 2000-gebieden. Dit vereist nader onderzoek dat niet in deze voorlopige procedure kan worden uitgevoerd. Gezien de mogelijke onomkeerbare gevolgen van de jacht en het spoedeisend belang, werd het verzoek deels toegewezen.
De voorzieningenrechter droeg het college op uiterlijk 1 maart 2015 een besluit te nemen op het bezwaar van de Vogelbescherming en wees het verzoek voor het overige af. Tevens werd het betaalde griffierecht aan de Vogelbescherming vergoed. De uitspraak werd gedaan door mr. P.B.M.J. van der Beek-Gillessen op 25 februari 2015.
Uitkomst: Het college wordt opgedragen uiterlijk 1 maart 2015 een besluit te nemen op het bezwaar van de Vogelbescherming; het verzoek om handhaving wordt voor het overige afgewezen.