ECLI:NL:RVS:2015:649
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake herziening voorschot kinderopvangtoeslag 2009
De zaak betreft het hoger beroep van een belanghebbende tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag die het bezwaar tegen de herziening van het voorschot kinderopvangtoeslag 2009 niet-ontvankelijk verklaarde, maar het besluit van 31 mei 2013 handhaafde. De Belastingdienst had het voorschot naar nihil herzien omdat de overeenkomst voor kinderopvang niet aan de wettelijke eisen zou voldoen.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de Belastingdienst zich niet mocht beroepen op het ontbreken van kosten van kinderopvang en dat de belanghebbende niet mocht vertrouwen op het niet herzien van het voorschot. Wel oordeelt de Afdeling dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de opvang niet op basis van een geldige overeenkomst plaatsvond, omdat de in hoger beroep overgelegde overeenkomst wel voldoet aan de wettelijke vereisten.
De Afdeling vernietigt daarom de uitspraak van de rechtbank voor zover deze in de plaats trad van het besluit van 11 december 2013 en draagt de Belastingdienst op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze overwegingen. Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen omdat geen schade is aangetoond. De Belastingdienst wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd, met opdracht aan de Belastingdienst een nieuw besluit te nemen.