ECLI:NL:RVS:2015:579
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit verkoop psychotrope stoffen in winkel te Amsterdam
Het dagelijks bestuur van het stadsdeel Centrum heeft appellant verplicht de verkoop van producten met psychotrope stoffen in een winkel te staken en verwijderd te houden. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in tegen dit besluit, stellende dat de verkoop onder het overgangsrecht viel en dat er sprake was van een vertrouwensbeginsel.
De rechtbank oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de verkoop al bestond bij het in werking treden van het bestemmingsplan in 2001, waardoor het overgangsrecht niet van toepassing was. Ook werd het beroep op het vertrouwensbeginsel verworpen, omdat geen concrete toezeggingen van het bestuursorgaan waren gedaan.
Appellant voerde verder aan dat het bestuursorgaan handelde in strijd met een motie van de stadsdeelraad, maar de Raad van State stelde vast dat deze motie pas na het besluit op bezwaar was aangenomen en daarom niet tot vernietiging kon leiden.
Het verzoek om schadevergoeding wegens onrechtmatig handelen werd afgewezen omdat geen onrechtmatigheid was vastgesteld. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het handhavingsbesluit bevestigd.