ECLI:NL:RVS:2015:483
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Afwijzing naturalisatieverzoek wegens onvoldoende bewijs identiteit en nationaliteit
Appellant verzocht om het Nederlanderschap, maar de staatssecretaris wees dit verzoek af wegens het ontbreken van een geldig buitenlands paspoort en gelegaliseerde geboorteakte, en omdat appellant niet kon aantonen in bewijsnood te verkeren.
Appellant stelde dat hij alles had gedaan om de benodigde documenten te verkrijgen, waaronder verzoeken aan Chinese autoriteiten en een bezoek aan de Chinese ambassade, maar zonder resultaat. Ook verwees hij naar een verslag over de situatie van de Chinese hukou-registratie en stelde dat het overleggen van een hukou niet vereist is bij langdurig verblijf in het buitenland.
De rechtbank oordeelde dat appellant onvoldoende bewijs had geleverd dat hij de documenten niet kon verkrijgen, onder meer omdat hij geen pogingen had gedaan via derden in China. De Raad van State bevestigde dit oordeel, overwoog dat het beleid omtrent bewijsnood niet onredelijk is en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het verzoek tot naturalisatie wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van identiteit en nationaliteit.