ECLI:NL:RVS:2015:477
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- A. Hammerstein
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit minister over cumulatieve subsidiekorting politieke partij CDA
De minister stelde bij besluit van 29 oktober 2012 de subsidie voor het CDA over 2011 vast op €2.129.837,47, waarbij hij de kortingspercentages uit artikel 6a van de Wet subsidiëring politieke partijen (Wspp) cumulatief toepaste. Het CDA maakte bezwaar tegen deze korting en stelde dat de percentages niet cumulatief mochten worden toegepast, omdat dit niet uit de wetsbepaling zou volgen. De rechtbank verklaarde het beroep van het CDA ongegrond, waarna het CDA hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de tekst van artikel 6a Wspp, de systematiek van de wet en de wetsgeschiedenis duidelijk maken dat de kortingspercentages cumulatief moeten worden toegepast. Het woordgebruik in de wet en de totstandkomingsgeschiedenis ondersteunen deze uitleg, waarbij de subsidiekorting geleidelijk oploopt tot 6% in 2015. Het betoog van het CDA dat de cumulatie niet uit de wet volgt, faalde.
Verder stelde de Afdeling vast dat artikel 4:46, tweede lid, aanhef en onder d, van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is, omdat de lagere vaststelling dwingend voortvloeit uit een bijzondere wet in formele zin. Het CDA kon dus niet met succes een beroep doen op het rechtszekerheidsbeginsel. De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de cumulatieve toepassing van de subsidiekorting en verklaart het hoger beroep van het CDA ongegrond.