ECLI:NL:RVS:2015:453
Raad van State
- Hoger beroep
- Y.E.M.A. Timmerman-Buck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit niet-ontvankelijkheid bezwaar vergunning erfafscheiding waterschap
Het dagelijks bestuur van het waterschap Brabantse Delta verleende op 30 mei 2012 een vergunning voor het plaatsen en onderhouden van een erfafscheiding op een perceel. Appellant maakte bezwaar tegen deze vergunning, maar het dagelijks bestuur verklaarde dit bezwaar bij besluit van 2 oktober 2012 niet-ontvankelijk. De rechtbank Zeeland-West-Brabant verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond.
Appellant stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelde in een tussenuitspraak dat het bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk was verklaard en beval het dagelijks bestuur om binnen twaalf weken een nieuw besluit te nemen. Het dagelijks bestuur wijzigde het besluit op 9 december 2014 en verklaarde het bezwaar alsnog ontvankelijk maar ongegrond.
De Afdeling constateerde dat appellant geen zienswijze had ingediend tegen het gewijzigde besluit en verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond. De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van 2 oktober 2012, verklaarde het beroep gegrond en veroordeelde het dagelijks bestuur tot vergoeding van de proceskosten van appellant, inclusief griffierecht. Hiermee werd appellant deels in het gelijk gesteld.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van 2 oktober 2012 wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd; het beroep tegen het gewijzigde besluit van 9 december 2014 wordt ongegrond verklaard.