ECLI:NL:RVS:2015:4014
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- R. van der Spoel
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing verblijfsvergunning asiel en inreisverbod
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie wees op 8 mei 2015 de aanvraag van een vreemdeling voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af en handhaafde het inreisverbod. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 9 juni 2015 het besluit vernietigde en de staatssecretaris opdroeg een nieuw besluit te nemen.
De staatssecretaris ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De kern van het geschil betrof de vraag of de bekering van de vreemdeling, inclusief de doopakte uit 2009, als nieuw feit of veranderde omstandigheid kon worden aangemerkt. De staatssecretaris stelde dat deze bekering reeds in eerdere procedures was beoordeeld.
De Afdeling oordeelde dat de rechtbank ten onrechte de bekering als nieuw feit had aangemerkt, omdat deze reeds in eerdere besluiten en procedures was betrokken, ook al betroffen die niet expliciet asielprocedures. Daarom werd het hoger beroep gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor hernieuwde behandeling met inachtneming van deze overwegingen.
Daarnaast stelde de Afdeling de proceskosten van het hoger beroep vast op €490,00, met de bepaling dat de rechtbank beslist over de vergoeding daarvan.
Uitkomst: Hoger beroep gegrond verklaard, uitspraak rechtbank vernietigd en zaak terugverwezen voor hernieuwde behandeling.