ECLI:NL:RVS:2015:3918
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek tot openbaarmaking documenten Wet Woz
Bij besluit van 5 november 2013 heeft het college het verzoek van appellante om openbaarmaking van documenten met betrekking tot het programma Ortax en bijbehorende facturen gedeeltelijk afgewezen. Appellante maakte bezwaar en stelde beroep in tegen deze afwijzing. De rechtbank oordeelde dat niet de Wet openbaarheid van bestuur (Wob), maar de Wet waardering onroerende zaken (Wet Woz) van toepassing is op het verzoek, omdat artikel 40 van Pro de Wet Woz een bijzondere en uitputtende regeling bevat voor openbaarmaking van gegevens die bij de waardevaststelling van woningen betrokken zijn.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het hoger beroep behandeld en bevestigd dat de Wet Woz voorrang heeft boven de Wob bij dit type verzoeken. Het verstrekken van de gevraagde gegevens op grond van de Wob zou afbreuk doen aan de strekking van de Wet Woz, die een beperkte openbaarheid beoogt. De beoordeling of het college de gegevens op grond van artikel 40 van Pro de Wet Woz had moeten verstrekken, behoort thuis in een procedure tegen de waardevaststelling van een woning bij de bevoegde rechter.
Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant van 25 februari 2015 is bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek tot openbaarmaking is bevestigd.