ECLI:NL:RVS:2015:391
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- G. van der Wiel
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over afwijzing verblijfsvergunning asiel en inreisverbod
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie wees de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af, verleende opheffing van zijn ongewenstverklaring en vaardigde een inreisverbod uit. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond, vernietigde het besluit en beval een nieuw besluit.
De staatssecretaris ging in hoger beroep en stelde dat de vreemdeling aannemelijk moest maken dat hij bij terugkeer naar Afghanistan een reëel risico loopt op een behandeling in strijd met artikel 3 EVRM Pro. De rechtbank had dit onterecht bij de staatssecretaris gelegd. De Afdeling oordeelde dat de vreemdeling niet aannemelijk had gemaakt dat hij een dergelijk risico loopt.
Verder werd geoordeeld dat het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag niet-ontvankelijk is vanwege het inreisverbod en dat het beroep tegen het inreisverbod ongegrond is. Ook werden bezwaren over het ontbreken van een beëdigde tolk en het bijzondere openbare ordebeleid verworpen.
De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag niet-ontvankelijk en het beroep tegen het inreisverbod ongegrond, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag is niet-ontvankelijk en het beroep tegen het inreisverbod ongegrond verklaard.