ECLI:NL:RVS:2015:3906
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- C.J. Borman
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en ongegrond verklaring beroep inzake schijnhuwelijk vreemdeling
De staatssecretaris wees de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsdocument als gemeenschapsonderdaan af, omdat hij meende dat sprake was van een schijnhuwelijk. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, waarna de staatssecretaris hoger beroep instelde.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de staatssecretaris onvoldoende heeft gemotiveerd dat sprake is van een schijnhuwelijk. De staatssecretaris wees terecht op tegenstrijdige en vage verklaringen van de vreemdeling en de referente over essentiële onderdelen van hun relatie, zoals het tijdstip van ontmoeting, het huwelijksaanzoek en de huwelijksdag.
De Afdeling vernietigt daarom het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep van de vreemdeling ongegrond. Tevens wijst zij het beroep af omdat de vreemdeling onvoldoende heeft onderbouwd waarom bijzondere omstandigheden toepassing van artikel 4:84 Awb Pro rechtvaardigen.
Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is in het openbaar gedaan op 11 december 2015.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank vernietigd.