ECLI:NL:RVS:2015:39
Raad van State
- Hoger beroep
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering exploitatievergunning horeca wegens strijd met bestemmingsplan
De burgemeester van Epe verleende op 19 april 2012 een exploitatievergunning voor een horecabedrijf met gewijzigde openingstijden. Tegen dit besluit maakten omwonenden en een vereniging bezwaar, dat door de burgemeester werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het bezwaar gegrond, vernietigde het besluit en weigerde de vergunning omdat de horeca-activiteiten niet ondergeschikt waren aan de dagrecreatie zoals voorgeschreven in het bestemmingsplan.
De burgemeester en de vergunninghouder stelden in hoger beroep dat de rechtbank een te indringende toets had toegepast en dat artikel 2:28 van Pro de APV slechts een marginale toets aan het bestemmingsplan voorschrijft. De Raad van State verwierp dit en bevestigde dat de vergunning geweigerd moet worden indien de exploitatie in strijd is met het bestemmingsplan.
De Raad overwoog dat de rechtbank terecht had vastgesteld dat de horeca-activiteiten de hoofdactiviteit vormden en niet ondergeschikt waren aan de dagrecreatie. Dit bleek onder meer uit het bezoek van bussen met gasten die uitsluitend kwamen eten, de omzetverdeling en de mogelijkheid voor gasten om horeca te gebruiken zonder dagrecreatieactiviteiten. De Raad wees de beroepen af en veroordeelde de burgemeester tot vergoeding van proceskosten aan de tegenstanders van de vergunning.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de exploitatievergunning wordt bevestigd.