ECLI:NL:RVS:2015:3729
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- A.W.M. Bijloos
- R.J.J.M. Pans
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking havo-diploma wegens voorkennis examenopgaven
In mei 2013 werden examenopgaven van vmbo, havo en vwo gestolen bij de Islamitische Scholengemeenschap Ibn Ghaldoun te Rotterdam. Naar aanleiding hiervan stelde de Inspectie van het Onderwijs een inkeerregeling in, waarbij leerlingen die voorkennis hadden konden herkansen. Appellant maakte geen gebruik van deze regeling.
Op basis van onderzoek bleek dat appellant voorafgaand aan het centraal examen beschikte over de opgaven van de vakken Engels en Economie. De rector van het Libanon Lyceum verklaarde deze toetsen ongeldig en trok het besluit tot het verstrekken van het havo-diploma in. De commissie van beroep verklaarde het beroep van appellant ongegrond, en de rechtbank bevestigde dit besluit.
In hoger beroep betoogde appellant dat onvoldoende rekening was gehouden met zijn belangen en dat de procedure in strijd was met artikel 6 EVRM Pro, hetgeen niet ter beoordeling stond. De Raad van State oordeelde dat de rector bevoegd was het diploma in te trekken, dat appellant bekend was met de gevolgen van zijn handelen en dat het maatschappelijk belang bij de betrouwbaarheid van het diploma zwaarder woog dan het individuele belang van appellant.
De Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de intrekking van het havo-diploma wegens voorkennis van examenopgaven.