ECLI:NL:RVS:2015:3719
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- H. Troostwijk
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing wegens onjuiste sluiting onderzoek vreemdelingenbewaring
Bij besluit van 19 augustus 2015 is de vreemdeling in vreemdelingenbewaring gesteld. De vreemdeling stelde beroep in tegen dit besluit. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep gegrond, hief de bewaring op en wees het verzoek om schadevergoeding af. De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat de rechtbank ten onrechte het onderzoek ter zitting op 3 september 2015 had gesloten terwijl de telehoorverbinding met de vreemdeling niet goed functioneerde. De Afdeling stelde vast dat de rechtbank tijdig was begonnen met het onderzoek en dat het onderzoek volgens artikel 8:64 Awb Pro geschorst had kunnen worden om de vreemdeling alsnog binnen een redelijke termijn te horen.
De Afdeling vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank en verwees de zaak terug voor nieuwe behandeling en beslissing, met inachtneming van de juiste procedurele normen. Tevens stelde de Afdeling de proceskosten in hoger beroep vast op €490,00 en bepaalde dat de rechtbank over de vergoeding daarvan beslist.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor nieuwe behandeling met inachtneming van de juiste procedurele normen.