ECLI:NL:RVS:2015:3663
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- H. Troostwijk
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens onvoldoende onderzoek naar situatie in Hongarije
De vreemdeling diende op 19 mei 2015 een asielaanvraag in Nederland in. De staatssecretaris nam het verzoek niet in behandeling en droeg de verantwoordelijkheid over aan Hongarije, dat dit accepteerde op grond van de Dublinverordening. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen het niet in behandeling nemen ongegrond.
De vreemdeling stelde in hoger beroep dat de overdracht aan Hongarije strijdig is met het EVRM, met name vanwege tekortkomingen in de opvang, leefomstandigheden, detentie, rechtsbijstand en het risico op refoulement. Zij voerde aan dat haar asielverzoek in Hongarije niet inhoudelijk zal worden behandeld en dat effectieve rechtsmiddelen ontbreken.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de staatssecretaris onvoldoende onderzoek had verricht naar de situatie van Dublinclaimanten in Hongarije, terwijl de overgelegde stukken aanleiding gaven tot gerede twijfel. Hierdoor was het standpunt van de staatssecretaris onvoldoende gemotiveerd en werd het hoger beroep gegrond verklaard. Het besluit werd vernietigd en de staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het besluit van de staatssecretaris om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen wordt vernietigd en het beroep van de vreemdeling wordt gegrond verklaard.