ECLI:NL:RVS:2015:3635
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.B.M. Hent
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Beslissing over openbaarmaking documenten op grond van de Wet openbaarheid van bestuur
Bij besluit van 28 augustus 2013 heeft het college documenten openbaar gemaakt op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) na een verzoek van appellante. Het college verklaarde een bezwaar tegen dit besluit deels ongegrond en verstrekte aanvullende documenten. De rechtbank Overijssel verklaarde het beroep van appellante tegen het besluit ongegrond. Zowel appellante als het college stelden hoger beroep in bij de Raad van State.
Het college voerde aan dat het verzoek van appellante geen Wob-verzoek was maar een verzoek tot bewijsvergaring voor een civiele procedure, waarvoor artikel 843a Rv geldt, maar dit betoog werd verworpen. Verder stelde het college dat het niet gehouden was tot rubricering van documenten naar onderwerp en aandachtspunt, hetgeen door appellante werd betwist. De Raad van State oordeelde dat het college niet onzorgvuldig had gehandeld en dat de gevraagde rubricering niet verplicht was.
Appellante stelde ook dat het college niet alle documenten had verstrekt die onder haar berusting zouden zijn, maar de Raad van State vond dat appellante onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat er meer documenten waren dan reeds verstrekt. Het incidenteel hoger beroep van het college werd gegrond verklaard omdat de rechtbank ten onrechte het college veroordeelde in de proceskosten voor beroepsmatige rechtsbijstand aan appellante. De uitspraak van de rechtbank werd voor het overige bevestigd en het hoger beroep van appellante ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt ongegrond verklaard, het incidenteel hoger beroep van het college gegrond, en de uitspraak van de rechtbank wordt voor het overige bevestigd.