ECLI:NL:RVS:2015:3603
Raad van State
- Hoger beroep
- R. van der Spoel
- A.B.M. Hent
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Vaststelling boete voor overtreding Wet arbeid vreemdelingen zonder matiging
De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid legde een boete van €8.000 op aan een vennootschap wegens het laten verrichten van arbeid door een vreemdeling zonder tewerkstellingsvergunning, in strijd met artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav).
De rechtbank Gelderland mat de boete tot €3.000, stellende dat het risico op overtreding binnen de keten beperkt was omdat de vreemdeling via een gecertificeerd uitzendbureau was ingeleend en dat de vennootschap voor het eerst werd beboet. Zowel de minister als de vennootschap gingen in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Raad van State oordeelt dat de rechtbank ten onrechte de boete matigde. De vennootschap had onvoldoende inspanningen getoond om de overtreding te voorkomen en vertrouwde volledig op een onderaannemer zonder zelf te verifiëren of aan de Wav werd voldaan. Het enkele feit dat een gecertificeerd uitzendbureau betrokken was, rechtvaardigt geen matiging zonder aanvullende maatregelen.
De Raad verklaart het hoger beroep van de minister gegrond en het incidenteel hoger beroep van de vennootschap ongegrond, vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep tegen het boetebesluit ongegrond. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De boete van €8.000 wordt gehandhaafd en het beroep tegen het boetebesluit wordt ongegrond verklaard.