ECLI:NL:RVS:2015:3475
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- A.B.M. Hent
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en ongegrondverklaring beroep vreemdeling tegen bewaring
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie stelde de vreemdeling op 1 juli 2015 in vreemdelingenbewaring. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen deze bewaring gegrond en beval opheffing, met toekenning van schadevergoeding. De staatssecretaris ging in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte geen redelijk vermoeden van illegaal verblijf aannam op basis van eerdere controles in 2013, een staandehouding in juni 2015 en andere onderzoeksgegevens. De Afdeling vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank en beoordeelde het beroep zelf.
De Afdeling verwierp de bezwaren van de vreemdeling over ongeoorloofd onderscheid, onrechtmatige verlenging van ophouding en onvoldoende motivering van de bewaring. Ook de stelling dat de vreemdeling over een vaste verblijfplaats en voldoende middelen beschikte, werd niet gevolgd omdat andere gronden voor bewaring onbestreden bleven.
Verder werd het betoog over het terugkeerbesluit van 22 augustus 2014 niet behandeld omdat dit besluit in rechte vaststaat. De Afdeling verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen de bewaring wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.