ECLI:NL:RVS:2015:3447
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Y.E.M.A. Timmerman-Buck
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen kosten bestuursdwang voor onjuist aanbieden huishoudelijk afval
Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam heeft op 30 december 2014 spoedeisende bestuursdwang toegepast wegens het onjuist aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, waarbij een huisvuilzak naast een ondergrondse afvalcontainer werd aangetroffen. De kosten van deze bestuursdwang, €115, werden aan appellant opgelegd. Appellant maakte bezwaar en stelde dat niet hij, maar zijn huisgenoot de afvalzak onjuist had aangeboden. Ter onderbouwing overlegde hij een schriftelijke verklaring van zijn huisgenoot.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat hoewel de overtreding door de huisgenoot was begaan, appellant als gebruiker van het perceel en mede-afvalverantwoordelijke door de afspraak om het afval om de beurt weg te gooien, de overtreding aan hem kan worden toegerekend. Het college had appellant terecht als overtreder aangemerkt. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak bevestigt dat de verantwoordelijkheid voor het naleven van afvalverordeningen ook kan rusten op degene die het afval gezamenlijk beheert, ook als een ander de feitelijke overtreding pleegt.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen de kosten van bestuursdwang wegens onjuist aanbieden van afval wordt ongegrond verklaard.