ECLI:NL:RVS:2015:3361
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- A.W.M. Bijloos
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering optieverklaring Nederlanderschap adoptiekind buiten Koninkrijk
De zaak betreft het hoger beroep van een appellant die de Nederlandse nationaliteit wil verkrijgen via een optieverklaring op grond van artikel 6, eerste lid, aanhef en onder k en o van de Rijkswet op het Nederlanderschap (RWN). De appellant is in Ghana geboren en geadopteerd door een adoptievader die later Nederlander werd door optie.
De minister weigerde de optieverklaring te bevestigen omdat de adoptie buiten het Koninkrijk plaatsvond en niet voldeed aan de vereisten van artikel 6 RWN Pro. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak.
De Raad overweegt dat het onderscheid tussen biologische kinderen geboren buiten het Koninkrijk en adoptiekinderen geadopteerd buiten het Koninkrijk gerechtvaardigd is. Dit onderscheid dient een legitiem doel, namelijk het vereenvoudigen van de optieprocedure en het waarborgen van rechtszekerheid. De minister heeft een redelijke en objectieve rechtvaardiging voor dit onderscheid gegeven, mede gezien de complexiteit van erkenning van buitenlandse adopties.
Het beroep faalt ook omdat de appellant geen bijzondere omstandigheden heeft gesteld die het onderscheid onevenredig maken. De Raad concludeert dat de minister terecht de optieverklaring heeft geweigerd en bevestigt het vonnis van de rechtbank.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de minister om de optieverklaring te bevestigen omdat de adoptie buiten het Koninkrijk plaatsvond en niet voldoet aan de wettelijke vereisten.