ECLI:NL:RVS:2015:3311
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- A. Hammerstein
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Huurtoeslag geweigerd wegens woonschip niet als onroerende zaak
De Belastingdienst/Toeslagen stelde de voorschotten huurtoeslag over 2013 en 2014 op nihil en herzag de tegemoetkoming over 2012 naar nihil, omdat de gehuurde woonruimte zich op een woonschip bevindt dat niet als onroerende zaak wordt aangemerkt.
De rechtbank oordeelde dat het woonschip een onroerende zaak is vanwege de betonnen constructie en de inrichting met appartementen, waardoor huurtoeslag toekwam. De Belastingdienst ging hiertegen in hoger beroep.
De Raad van State stelde dat het woonschip drijft en met flexibele verbindingen aan de wal is bevestigd, waardoor het verplaatsbaar is en niet duurzaam met de grond verenigd. Daarmee is het een roerende zaak en komt de woonruimte niet voor huurtoeslag in aanmerking.
Verder werd geoordeeld dat de herziening van de definitief vastgestelde tegemoetkoming over 2012 onterecht was, maar dat de nihilstelling van voorschotten over 2013 en 2014 rechtmatig was. De uitspraak van de rechtbank werd deels vernietigd en deels bevestigd.
Tot slot werd de Belastingdienst veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de wederpartij.
Uitkomst: De woonruimte op het woonschip wordt niet als woning aangemerkt, waardoor huurtoeslag wordt geweigerd en voorschotten moeten worden terugbetaald.