ECLI:NL:RVS:2015:3271
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- R. van der Spoel
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake intrekking verblijfsvergunning en inreisverbod vreemdeling
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie trok de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd van de vreemdeling met terugwerkende kracht in en vaardigde een inreisverbod uit. De vreemdeling maakte bezwaar en ging in beroep tegen het besluit. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit, omdat onvoldoende was aangetoond dat de vreemdeling onjuiste gegevens had verstrekt of achtergehouden.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelde dat de rechtbank ten onrechte het besluit van de staatssecretaris had vernietigd. Uit gegevens van Suwinet en overige stukken bleek dat de arbeidsovereenkomst van de referent op 1 maart 2012 was beëindigd en dat de vreemdeling ten tijde van de aanvraag op 15 februari 2012 onjuiste gegevens had verstrekt of achtergehouden.
De Afdeling overwoog verder dat de intrekking van de verblijfsvergunning geen onrechtmatige inmenging in het familie- en gezinsleven van de vreemdeling opleverde, omdat bij bekendheid met de juiste gegevens de vergunning niet zou zijn verleend. Ook het beroep op het arrest Demir en het verzoek om af te zien van het inreisverbod of verkorting van de duur daarvan faalden. De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van de vreemdeling ongegrond.