ECLI:NL:RVS:2015:3134
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- G.M.H. Hoogvliet
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing kentekenbewijs door RDW
De zaak betreft het hoger beroep van de RDW tegen een uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland die het besluit van 17 april 2014 tot afwijzing van de aanvraag voor een Nederlands kentekenbewijs door [appellant sub 2] herroept. De RDW had het besluit gebaseerd op twijfel over de identiteit van het voertuig, met name het niet vast kunnen stellen van het VIN vanwege aanpassingen aan de carrosserie en stuurinrichting.
De rechtbank oordeelde dat het VIN wel kon worden vastgesteld, mede omdat het typeplaatje op de hoofdremcilinder aanwezig was en het voertuig uit elkaar geschroefd kon worden. De RDW voerde aan dat het onderzoek onzorgvuldig was en dat de rechtbank ten onrechte tot haar oordeel was gekomen. De Afdeling bestuursrechtspraak concludeert dat het onderzoek van het Permanent Auto Team (PAT) onzorgvuldig was, onder andere doordat niet duidelijk werd waarom het VIN niet kon worden vastgesteld en doordat verkeerde motornummers werden genoemd.
De Afdeling vernietigt daarom het deel van de uitspraak van de rechtbank waarin het besluit van de RDW wordt herroepen en bevestigt de rest van de uitspraak. Tevens wordt bepaald dat tegen het nieuwe besluit van de RDW alleen beroep bij de Afdeling kan worden ingesteld. Het incidenteel hoger beroep van [appellant sub 2] wordt niet-ontvankelijk verklaard. De RDW wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten aan [appellant sub 2].
Uitkomst: Het hoger beroep van de RDW wordt gegrond verklaard en het deel van de uitspraak van de rechtbank dat het besluit van 17 april 2014 herroept wordt vernietigd.