ECLI:NL:RVS:2015:3065
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging betalingsregeling voor terugvordering kinderopvangtoeslag ondanks betwisting schulden
Appellante verzocht om een persoonlijke betalingsregeling voor een terugvordering van € 32.319 aan ten onrechte ontvangen kinderopvangtoeslag over 2008 en 2009. De Belastingdienst stelde aanvankelijk een maandelijkse betaling van € 1.080 vast, die na bezwaar werd verlaagd naar € 633.
Appellante voerde aan dat de rechtbank ten onrechte geen rekening hield met haar overige schulden bij de bepaling van haar betalingscapaciteit, omdat deze schulden betrekking zouden hebben op leningen voor belastingschulden. De rechtbank oordeelde dat alleen schulden die direct verband houden met belastingschulden of aflossingen daarop in aanmerking worden genomen.
De Raad van State bevestigt dit oordeel en stelt dat de wettelijke regeling limitatief is in welke uitgaven worden meegenomen bij de berekening van de betalingscapaciteit. De overige schulden van appellante vallen hier niet onder. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de betalingsregeling van € 633 per maand wordt bevestigd.