ECLI:NL:RVS:2015:2979
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening voorschot kinderopvangtoeslag 2009 wegens niet-aantonen kosten
De zaak betreft het hoger beroep van appellant tegen de uitspraak van de rechtbank Gelderland die het beroep tegen het besluit van de Belastingdienst/Toeslagen ongegrond verklaarde. De Belastingdienst had het voorschot kinderopvangtoeslag 2009 herzien en op nihil gesteld omdat appellant niet kon aantonen dat hij de kosten van kinderopvang via een geregistreerd gastouderbureau daadwerkelijk had gemaakt.
Appellant voerde aan dat hij altijd aan de voorwaarden voor kinderopvangtoeslag had willen voldoen en dat de eigen bijdrage ook buiten het toeslagjaar mocht worden betaald. Hij stelde dat de verrekening van de eigen bijdrage met een schenkingsovereenkomst geen probleem was en dat hij de eigen bijdrage uiteindelijk alsnog had betaald.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat uit de wet volgt dat de kosten daadwerkelijk door de vraagouder moeten zijn gedragen en dat verrekening met een schenking niet leidt tot recht op toeslag. Bovendien moeten de kosten tijdig worden voldaan, namelijk ten tijde van de opvang of kort daarna. De betaling in december 2014 was te laat om als kosten van 2009 te gelden. Ook kon appellant geen vertrouwen ontlenen aan de informatie over betalingstermijnen.
Het betoog dat de Belastingdienst onzorgvuldig was en appellant onvoldoende had geïnformeerd, werd verworpen omdat geen rechtsregel bestaat die de Belastingdienst tot uitgebreide informatieplicht verplicht. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Hoger beroep ongegrond; uitspraak rechtbank bevestigd dat voorschot kinderopvangtoeslag 2009 op nihil wordt gesteld wegens niet-aantonen tijdige en daadwerkelijke kosten.