ECLI:NL:RVS:2015:2954
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- R. van der Spoel
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens beschermingsalternatief Oekraïne
De staatssecretaris heeft op 10 juni 2014 een aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit. De staatssecretaris ging in hoger beroep bij de Raad van State.
De kern van het geschil betrof de vraag of de dochter van de vreemdeling daadwerkelijk Oekraïens staatsburger was en of het beschermingsalternatief Oekraïne tegengeworpen kon worden. De Raad van State oordeelde dat de staatssecretaris voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de dochter van rechtswege het Oekraïense staatsburgerschap heeft verkregen, omdat ten minste één ouder Oekraïens staatsburger was bij haar geboorte.
Verder heeft de staatssecretaris volgens de Raad van State ook voldoende onderzocht of het Oekraïense staatsburgerschap niet ontnomen kon zijn, waarbij werd vastgesteld dat meervoudig staatsburgerschap in Oekraïne niet wordt erkend, maar het Oekraïense staatsburgerschap niet ontnomen wordt indien het andere staatsburgerschap van rechtswege is verkregen.
De Raad van State stelde vast dat de staatssecretaris de relevante feiten en omstandigheden, zoals de persoonlijke situatie van de vreemdeling en haar dochter, de veiligheidssituatie in Oekraïne en mogelijke discriminatie, voldoende heeft betrokken in zijn beoordeling. De Raad van State vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.