ECLI:NL:RVS:2015:2942
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- G. van der Wiel
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing verblijfsvergunning zelfstandige horeca
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met het doel arbeid als zelfstandige in de horeca. De staatssecretaris wees deze aanvraag af bij besluit van 12 december 2013. Na een bezwaarprocedure en een beroep bij de rechtbank werd het beroep ongegrond verklaard.
In hoger beroep stelde de Afdeling bestuursrechtspraak vast dat het besluit van 12 december 2013 van gelijke strekking was als een eerder besluit van 7 mei 2013, waarbij een eerdere aanvraag was afgewezen. De rechtbank had echter nagelaten om het besluit van 28 maart 2014 te toetsen aan de nieuwe feiten en omstandigheden die voortvloeiden uit het verschil tussen de horecabedrijven en hun marktomstandigheden.
De Afdeling oordeelde dat het hoger beroep gegrond was, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verwees de zaak terug voor een nieuwe behandeling en beslissing. Tevens werden de proceskosten vastgesteld en het betaalde griffierecht terugbetaald.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor nieuwe beoordeling.