ECLI:NL:RVS:2015:2865
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- E. Steendijk
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Vaststelling verantwoordelijkheid Italië voor asielaanvragen vreemdelingen onder Dublinverordening
Bij besluiten van 20 januari 2015 wees de staatssecretaris de aanvragen van vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde deze beroepen gegrond en vernietigde de besluiten, waarna de staatssecretaris hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De vreemdelingen stelden in incidenteel hoger beroep dat de Italiaanse autoriteiten tijdig hadden gereageerd op het overnameverzoek, waardoor geen claimakkoord tot stand zou zijn gekomen. De Afdeling oordeelde dat de reactietermijn van twee maanden volgens de Dublinverordening op 1 augustus 2014 begon en op 30 september 2014 eindigde, waardoor het claimakkoord op 1 oktober 2014 tot stand kwam.
De staatssecretaris voerde aan dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat sprake was van zeer bijzondere omstandigheden die hem verplichten te verifiëren of Italië zich verantwoordelijk acht. De Afdeling stelde vast dat het niet reageren van Italië binnen de termijn leidt tot aanvaarding van het overnameverzoek en dat Italië niet eenzijdig deze verantwoordelijkheid kan beëindigen.
De Afdeling verklaarde het incidenteel hoger beroep van de vreemdelingen ongegrond, het hoger beroep van de staatssecretaris gegrond, vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde de beroepen van de vreemdelingen ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De beroepen van de vreemdelingen worden ongegrond verklaard en de besluiten tot afwijzing van hun asielaanvragen worden bevestigd.