ECLI:NL:RVS:2015:2853
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanspraak kinderopvangtoeslag over 2011 wegens onvoldoende bewijs contante betalingen
De Belastingdienst/Toeslagen had het aan appellant toegekende voorschot kinderopvangtoeslag over 2011 herzien en op nihil gesteld, omdat appellant niet had gereageerd op verzoeken om nadere stukken ter onderbouwing van de gemaakte kosten.
Appellant stelde dat hij een deel van de kosten contant had betaald en overhandigde vier kwitanties, maar kon geen corresponderende bewijzen van geldopnames overleggen. De Raad van State oordeelde dat dit onvoldoende is om de contante betalingen aan te tonen, mede omdat het ontbreken van bewijs voor geldopnames voor rekening van appellant komt.
Verder werd het beroep van appellant verworpen dat de Belastingdienst/Toeslagen door het verlenen van een voorschot vertrouwen had gewekt op een definitieve aanspraak. De wet bepaalt immers dat een voorschot slechts een voorlopige tegemoetkoming is die kan worden herzien.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde het vonnis van de rechtbank Rotterdam van 22 december 2014. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.