ECLI:NL:RVS:2015:2800
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- A.B.M. Hent
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring inreisverbod wegens termijnoverschrijding
De staatssecretaris heeft op 2 oktober 2014 een inreisverbod uitgevaardigd tegen de vreemdeling. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in, maar de rechtbank verklaarde dit beroep niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de beroepstermijn.
De vreemdeling stelde in hoger beroep dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was omdat de staatssecretaris in strijd met het beleid geen kopie van het besluit aan zijn gemachtigde had toegezonden. Hierdoor kon hij zijn gemachtigde niet tijdig informeren vanwege psychische en psychiatrische problemen.
De Raad van State oordeelde dat de staatssecretaris inderdaad in strijd met het beleid had gehandeld door geen kopie aan de gemachtigde te sturen, terwijl deze bekend was. Dit rechtvaardigde het oordeel dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was. De niet-ontvankelijkverklaring van het beroep door de rechtbank was daarom onjuist.
De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd en de zaak werd terugverwezen voor inhoudelijke behandeling van het beroep. Tevens werd bepaald dat de vreemdeling het betaalde griffierecht terugkrijgt en dat de rechtbank zal beslissen over de vergoeding van proceskosten.
Deze uitspraak benadrukt het belang van correcte kennisgeving aan gemachtigden en de mogelijkheid om termijnoverschrijding onder omstandigheden te verontschuldigen.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor inhoudelijke behandeling.