ECLI:NL:RVS:2015:2698
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake invordering dwangsommen bouwcarport
Het college van burgemeester en wethouders van Heemskerk besloot op 9 januari 2014 tot invordering van dwangsommen van €2.000 wegens het niet tijdig verwijderen van een carport die in strijd was met het bestemmingsplan. De rechtbank Noord-Holland verklaarde het beroep van de wederpartij gegrond en vernietigde het besluit tot invordering.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het hoger beroep van het college gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd. De Afdeling oordeelde dat de dwangsommen terecht zijn verbeurd omdat de overtreding niet binnen de begunstigingstermijn volledig was opgeheven, ook al was later een omgevingsvergunning verleend voor het resterende deel van de carport.
De wederpartij voerde aan dat er mondelinge toezeggingen waren gedaan en dat persoonlijke omstandigheden (zorg voor zieke familieleden) een matiging van de dwangsommen rechtvaardigden. De Afdeling verwierp deze argumenten omdat geen concrete en ondubbelzinnige toezeggingen waren gedaan en persoonlijke omstandigheden geen bijzondere omstandigheden vormden om af te zien van invordering.
Het beroep van de wederpartij tegen het besluit op bezwaar werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De invordering van de dwangsommen door het college is terecht en het beroep van de wederpartij wordt ongegrond verklaard.