ECLI:NL:RVS:2015:2657
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtbankuitspraak over afwijzing voorschot kinderopvangtoeslag 2012 wegens ontbreken gezamenlijk ouderschap
De Belastingdienst/Toeslagen had het voorschot kinderopvangtoeslag van appellant over 2012 herzien en vastgesteld op nihil. Appellant maakte hiertegen bezwaar, dat werd afgewezen. De rechtbank vernietigde dit besluit wegens procedurele tekortkomingen, maar handhaafde de rechtsgevolgen omdat appellant niet als ouder van een kind in de BRP stond ingeschreven en dus geen aanspraak had op de toeslag.
Appellant stelde dat er sprake was van gezamenlijk ouderschap in 2012, zoals vastgelegd in een ouderschapsplan uit 2014, en dat dit plan een situatie beschreef die reeds in 2012 bestond. De rechtbank en de Afdeling oordeelden dat appellant dit niet aannemelijk had gemaakt, mede gelet op een e-mail van zijn advocaat uit 2013 waarin werd vermeld dat een ouderschapsplan in 2012 nog niet bestond.
De Afdeling bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd dat appellant geen recht heeft op voorschot kinderopvangtoeslag over 2012.