ECLI:NL:RVS:2015:2345
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.B.M. Hent
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging verlengingsbesluit bewaring vreemdeling wegens onvoldoende motivering
De vreemdeling maakte bezwaar tegen de verlenging van zijn bewaring met maximaal twaalf maanden door de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de vreemdeling ging in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat het verlengingsbesluit onvoldoende gemotiveerd was, omdat de staatssecretaris niet expliciet had aangegeven welke feiten en omstandigheden nog steeds het risico op onderduiken of belemmering van de terugkeerprocedure rechtvaardigden. De enkele verwijzing naar het oorspronkelijke besluit volstond niet.
Gelet op de jurisprudentie van het Hof van Justitie en eerdere uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak, moet de staatssecretaris in het verlengingsbesluit duidelijk maken waarom de gronden voor bewaring nog steeds gelden, ook indien de vreemdeling deze betwist.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank, en verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond. De vrijheidsontnemende maatregel was inmiddels opgeheven, zodat een bevel achterwege bleef. Tevens werd een schadevergoeding toegekend over de periode van 6 april 2015 tot 22 mei 2015 en werden proceskosten aan de vreemdeling toegekend.
Uitkomst: Het verlengingsbesluit van de bewaring is vernietigd wegens onvoldoende motivering en de vreemdeling krijgt een schadevergoeding toegekend.