ECLI:NL:RVS:2015:2041
Raad van State
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- W.D.M. van Diepenbeek
- R.J.J.M. Pans
- J.W. van de Gronden
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over voorlopige aanwijzing Hertogin Hedwigepolder als Habitatrichtlijngebied
De staatssecretaris heeft de Hertogin Hedwigepolder voorlopig aangewezen als speciale beschermingszone op grond van de Natuurbeschermingswet 1998 en de Habitatrichtlijn. Diverse appellanten hebben bezwaar gemaakt tegen deze voorlopige aanwijzing, onder meer vanwege het ontbreken van een afdoende ecologische onderbouwing en de vermeende prematuriteit van het besluit.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het bezwaar van een partij die op meer dan 50 km afstand woont niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang. De Afdeling oordeelt dat het instrument van voorlopige aanwijzing bedoeld is om gebieden tijdig bescherming te bieden en dat het niet vereist is dat een ontwerpbesluit ter inzage is gelegd voordat een voorlopige aanwijzing kan worden gedaan.
De Afdeling stelt vast dat de ecologische onderbouwing voor de aanwijzing voldoende is en dat negatieve gevolgen voor economische ontwikkelingen buiten beschouwing mogen blijven. Wel is geoordeeld dat de motivering van de dringende noodzaak ontbreekt, omdat de staatssecretaris onvoldoende concrete feiten of omstandigheden heeft aangevoerd die de vrees voor aantasting van het gebied onderbouwen.
Daarom draagt de Afdeling de staatssecretaris op binnen 12 weken het besluit te herstellen door de dringende noodzaak adequaat te motiveren of een ander besluit te nemen. Over de proceskosten zal in de einduitspraak worden beslist.
Uitkomst: De motivering van de dringende noodzaak voor de voorlopige aanwijzing is onvoldoende, de staatssecretaris moet het besluit binnen 12 weken herstellen.