ECLI:NL:RVS:2015:1937
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Y.E.M.A. Timmerman-Buck
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen bestuursdwang wegens onjuist aanbieden huishoudelijk afval
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag heeft op 6 augustus 2014 spoedeisende bestuursdwang toegepast door een doos te verwijderen die naast een aangewezen papiercontainer was geplaatst, in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010. Het college stelde dat de doos van appellant afkomstig was, omdat een adreslabel met zijn naam en adresgegevens erop zat. Appellant voerde aan dat hij de doos in de container had geplaatst en dat een ander deze daaruit had gehaald en naast de container had gezet, en dat de container regelmatig vol was.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij niet de overtreder was. De enkele stelling dat een ander de doos naast de container had geplaatst, volstond niet. Ook het feit dat de container regelmatig vol was, rechtvaardigde niet het naast de container plaatsen van oud papier.
Daarom verklaarde de Afdeling het beroep ongegrond en wees zij het bezwaar tegen de kostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer onder leiding van lid Timmerman-Buck op 24 juni 2015.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot bestuursdwang wegens het verkeerd aanbieden van afval is ongegrond verklaard.