ECLI:NL:RVS:2015:1923
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- H. Troostwijk
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vreemdeling toegang geweigerd en vrijheidsontnemende maatregel bevestigd na ongewenstverklaring
De vreemdeling, van Roemeense nationaliteit, werd op 6 januari 2015 de toegang tot Nederland geweigerd en een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd, voortvloeiend uit een besluit van 6 mei 2014 waarin hij ongewenst werd verklaard. De rechtbank had deze besluiten vernietigd en het verzoek om schadevergoeding toegewezen. De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Raad van State oordeelde dat het besluit tot ongewenstverklaring, hoewel gebaseerd op het verleden, een op de toekomst gerichte werking heeft en dat de toegang tot Nederland geweigerd mocht worden omdat de vastgestelde bedreiging actueel was. De rechtbank had ten onrechte het besluit tot toegangsweigering vernietigd en de vrijheidsontnemende maatregel onrechtmatig verklaard.
Verder werden klachten van de vreemdeling over de rechtmatigheid van de grenscontrole, taalgebruik bij kennisgeving, het ontbreken van een toegewezen advocaat en de motivering van de vrijheidsontnemende maatregel verworpen. Ook werd geoordeeld dat de staatssecretaris voldoende voortvarend had gehandeld bij de uitzetting.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank, verklaarde de beroepen van de vreemdeling ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: De toegang tot Nederland werd geweigerd en de vrijheidsontnemende maatregel bevestigd als rechtmatig na vernietiging van de uitspraak van de rechtbank.