ECLI:NL:RVS:2015:1911
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- H. Troostwijk
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende onderbouwing bekering
De staatssecretaris wees een aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond, vernietigde het besluit en bepaalde dat een nieuw besluit moest worden genomen. De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling overwoog dat de rechtbank ten onrechte uitsluitend de verklaring van een hulpbisschop als doorslaggevend had beschouwd voor de geloofwaardigheid van de bekering van de vreemdeling. De vreemdeling moet zelf overtuigende verklaringen afleggen over zijn bekering en het proces dat daartoe heeft geleid. De Afdeling vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank en toetste het besluit van de staatssecretaris opnieuw.
De Afdeling oordeelde dat de vreemdeling onvoldoende had onderbouwd dat zijn bekering diep geworteld en overtuigend was, mede omdat zijn antwoorden op vragen over motieven en proces van bekering algemeen en oppervlakkig waren. Daarnaast waren de aangevoerde nieuwe feiten over de veiligheidssituatie in Afghanistan niet relevant voor toetsing. Het beroep van de vreemdeling werd ongegrond verklaard.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep van de staatssecretaris gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.