ECLI:NL:RVS:2015:181
Raad van State
- Hoger beroep
- A.W.M. Bijloos
- E. Steendijk
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over boete wegens overtreding Wet arbeid vreemdelingen
De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid legde de maatschap een boete van €19.000 op wegens overtreding van artikel 2, eerste lid, en artikel 15, tweede lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). Na bezwaar en een uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland, waarin de boete werd gematigd, stelde de minister hoger beroep in. De maatschap stelde een incidenteel hoger beroep in.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat onvoldoende vaststond dat de vreemdelingen arbeid voor de maatschap hadden verricht. Uit het boeterapport, werkroosters, verklaringen en facturen bleek voldoende bewijs van feitelijk werkgeverschap. Tevens werd geoordeeld dat de matiging van de boete door de rechtbank onterecht was, omdat de minister geen aanleiding had gezien tot matiging en het gelijkheidsbeginsel niet tot herhaling van een eerdere fout verplicht.
De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep van de minister gegrond en het incidenteel hoger beroep van de maatschap ongegrond. De boete werd gehandhaafd, waarbij rekening werd gehouden met de beleidsregels en de financiële situatie van de maatschap. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep van de minister gegrond, waarbij de boete van €3.500 gehandhaafd blijft.