ECLI:NL:RVS:2015:1773
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing kinderopvangtoeslag 2008-2009 en niet-ontvankelijkheid hoger beroep 2010-2011
De zaak betreft het hoger beroep van appellante tegen besluiten van de Belastingdienst/Toeslagen die de kinderopvangtoeslag voor de jaren 2008 tot en met 2011 hebben herzien en voor alle jaren op nihil hebben vastgesteld. De rechtbank had het bezwaar van appellante deels gegrond verklaard en het besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen in stand gelaten.
In hoger beroep heeft de Belastingdienst voor de jaren 2010 en 2011 alsnog tegemoetkoming verleend door de toeslag vast te stellen op respectievelijk € 8.935,00 en € 8.210,00. Hierdoor heeft appellante geen procesbelang meer voor deze jaren en is het hoger beroep voor deze jaren niet-ontvankelijk verklaard.
Voor de jaren 2008 en 2009 heeft appellante niet aangetoond dat zij alle kosten van kinderopvang heeft voldaan. De Afdeling oordeelt dat zij als aanvrager verantwoordelijk is voor het voldoen aan de vereisten van de Wet kinderopvang en Wet kwaliteitseisen peuterspeelzalen. Het betoog dat de Belastingdienst onzorgvuldig zou hebben gehandeld faalt, mede omdat inspectierapporten van de GGD beschikbaar waren.
De Afdeling bevestigt daarom de eerdere uitspraken voor 2008 en 2009 en veroordeelt de Belastingdienst tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht van appellante.
Uitkomst: Hoger beroep niet-ontvankelijk voor 2010-2011 en afwijzing voor 2008-2009 bevestigd; proceskosten en griffierecht worden vergoed.