ECLI:NL:RVS:2015:1770
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Vaststelling nihil kinderopvangtoeslag en vernietiging eerdere uitspraak rechtbank
De Belastingdienst/Toeslagen stelde het voorschot kinderopvangtoeslag voor het jaar 2009 aan de wederpartij op nihil vast. De rechtbank Rotterdam had dit besluit vernietigd en de Belastingdienst opgedragen nieuwe besluiten te nemen. De Belastingdienst ging in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overwoog dat de wederpartij een voorschot van €4.234,00 had ontvangen, terwijl de totale kosten €5.368,00 bedroegen. De wederpartij was gehouden het resterende bedrag zelf te voldoen. Er was geen sprake van een toezegging dat zij niets hoefde te betalen, noch was aangetoond dat de gemeente of het gastouderbureau het resterende bedrag had voldaan of kwijtgescholden.
De Raad van State oordeelde dat de kinderopvangtoeslag terecht op nihil was vastgesteld en dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat het vertrouwensbeginsel was geschonden. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: De kinderopvangtoeslag is terecht op nihil vastgesteld en het beroep van de wederpartij wordt ongegrond verklaard.