ECLI:NL:RVS:2015:1750
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving recreatieve verhuur woning in strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Noord-Beveland legde appellant een last onder dwangsom op om de verhuur van een woning op een perceel in Colijnsplaat te beëindigen, omdat deze verhuur in strijd zou zijn met het bestemmingsplan "Bebouwde kom Colijnsplaat 2008". Het perceel is bestemd voor woondoeleinden, waarbij een woning is gedefinieerd als een gebouw voor de huisvesting van één huishouden met een zekere duurzaamheid in het gebruik.
Appellant gebruikte de woning voor recreatieve verhuur aan derden voor korte perioden, hetgeen volgens het college en de rechtbank niet valt onder het bestemmingsplan omdat het ontbreekt aan duurzaamheid. De rechtbank vernietigde het besluit van het college niet, en het hoger beroep richtte zich tegen deze uitspraak.
De Raad van State overweegt dat het college bevoegd is handhavend op te treden tegen het recreatief verhuren omdat dit gebruik strijdig is met de bestemming woondoeleinden. Argumenten van appellant dat handhaving onevenredig zou zijn vanwege verkoop en leegstand worden verworpen, evenals het beroep op het gelijkheidsbeginsel.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.