ECLI:NL:RVS:2015:166
Raad van State
- Hoger beroep
- R. van der Spoel
- N. Verheij
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vaststelling boete wegens overtreding Wet arbeid vreemdelingen ondanks standstill-bepalingen
De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid legde een boete van €16.000 op aan [appellante] wegens het laten verrichten van arbeid door Turkse vreemdelingen zonder tewerkstellingsvergunning, in strijd met artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav).
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van [appellante] gegrond voor zover het de boete betrof die betrekking had op een van de vreemdelingen, [vreemdeling A], en vernietigde het boetebesluit deels. Zowel de minister als [appellante] gingen in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat onvoldoende was onderbouwd dat [vreemdeling A] onder gezag van [appellante] werkte en dat het niet relevant was of hij als zelfstandige werkte, omdat hij niet beschikte over een geldige verblijfsvergunning voor arbeid. Tevens faalden de beroepen van [appellante] op de standstill-bepalingen van de Europese associatieovereenkomst met Turkije en het beroep op matiging van de boete.
De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep van de minister gegrond en dat van [appellante] ongegrond, waardoor de boete onverkort in stand blijft.
Uitkomst: De boete van €16.000 wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen wordt bevestigd en het beroep van [appellante] verworpen.